Tagarchief: precision ag

René Koerhuis

07/12/2016

René Koerhuis

Veel telers en teeltadviseurs beschouwen plaatsspecifieke opbrengstmeting als dé manier om te starten met precisielandbouw. De techniek brengt verschillen in kwantiteit, en in sommige gewassen ook al de verschillen in kwaliteit aan het licht. Verschillen waarvan elke teler weet dat ze er zijn, maar in welke mate blijft gissen totdat ze objectief in beeld worden gebracht. De verbazing over de werkelijke verschillen binnen een perceel en tussen percelen is vaak groot.

In haast ieder gewas mogelijk

img_20161203_151149Door de opbrengst van gewassen plaatsspecifiek te meten oogst je naast het gewas belangrijke data over de hoeveelheid en de kwaliteit van het gewas. Tegenwoordig kan dat in steeds meer gewassen. Werden de eerste stapjes in precisielandbouw met behulp van gps zo’n 20 à 25 jaar geleden gelegd met plaatsspecifieke opbrengstmeting op maaidorsers, tegenwoordig is het in vrijwel alle gewassen mogelijk. Vanaf circa €4.000 kun je vocht- en opbrengstmeting op een bestaande maaidorser laten installeren en vanaf €9.000 zit het af fabriek op een nieuwe maaidorser. Daarmee blijft het geen geringe investering voor vaak maar een paar dagen werk, maar de opbrengstdata levert belangrijke extra informatie op van percelen waarop vaak eens in de paar jaren graan geteeld wordt.

Met de komst van opbrengstmeting voor rooivruchten, intussen zo’n 5 jaar geleden, kunnen ook opbrengstgegevens van veel geteelde en hoog salderende gewassen plaatsspecifiek verzameld worden. Een techniek die meestal gebruik maakt van weegcellen onder een band(je) of onder een bunker en hierdoor breed inzetbaar is in diverse gewassen zoals aardappelen, uien, suikerbieten, cichorei, knolselderij, spruiten, peen, bloembollen en kool.

img_20161203_151110Bovenstaande tekst is een gedeelte van een 6-pagina artikel in Boerderij AkkerbouwPlus van december 2016. 

René Koerhuis

15/11/2015

René Koerhuis

Het gros van de bezoekers van de Agritechnica komt natuurlijk af op de – letterlijk – grote publiekstrekkers zoals de John Deere 9RX en de Fendt 1000-serie. Agco meldde, hoe kan het ook anders, dat de Fendt 1050 de meest gefotografeerde trekker op de Agco stand was. Een andere trekker, formaat kleine personenauto en enigszins afgezonderd in hal 26 geparkeerd, trok evenwel ook veel aandacht. Niet zo zeer van de gemiddelde Agritechnica bezoeker, maar vooral van de engineers en ontwikkelaars van (trekker) fabrikanten zoals bovengenoemde wereldspelers. Dat was de autonome Greenbot van het Nederlandse Precision Makers. De roots van dit voertuig liggen op de Wageningen Universiteit en om precies te zijn bij de Agrotechnologen ofwel Landbouwtechneuten. Het heeft alle trekkerbouwers ongetwijfeld de ogen doen openen. De analogie met ‘start-up’ Tesla en de wedloop om de eerste autonome consumentenauto tussen onder meer Apple, Google en de gevestigde fabrikanten ligt op de loer.

Voor wie wat verder keek dat het grote ijzer waren er ontegenzeggelijk verschillende trends zichtbaar op het gebied van precision en smart farming, of moeten we het data farming gaan noemen? Zo was NIR-spectroscopie bij vrijwel alle grote fabrikanten van mestaanwendingsapparatuur te zien. John Deere kreeg met een aantal partners (opnieuw) een gouden medaille voor Connected Nutrient Management. Veenhuis toonde hun nu Nutri-Flow genaamde NIR-toepassing en Zunhammer introduceerde VAN-Control 2, eveneens met NIR. De eerste eindverkochte NIR-systemen gaan eind dit jaar de praktijk in. Onderdeel van Connected Nutrient Management is de desktop software van FarmFacts. FarmFacts is de nieuwe naam van het Duitse softwarebedrijf LAND-DATA Eurosoft dat onlangs overgenomen is door BayWa. Over anderhalf jaar komt Connected Nutrient Management volgens FarmFacts op de markt. We gaan dat ongetwijfeld merken via de Nederlandse mechanisatiedochter van BayWa Abemec.

De hang naar het verzamelen en verwerken van big data was een andere onmiskenbare trend. Diverse bedrijven toonden telematicasystemen om data draadloos van perceel naar kantoor te sturen. Het verzamelen en versturen van gegevens van werktuigen en machines via het telematicasysteem van de trekker was onder meer te zien bij Claas en in een bètaversie bij Kverneland. Claas noemt dit concept TONI (Telematics ON Implement). Trekkerfabrikanten zetten ook steeds meer in op TIM of ICT dat staat voor respectievelijk Tractor Implement Management en Implement Controls Tractor. Het werktuig stuurt hierbij afhankelijk van de belasting onder meer de rijsnelheid van de trekker bij. In hal 15 waren het vooral drones (UAV’s) die de klok sloegen. Zo wil het Franse Airinov, evenals UAV-fabrikant senseFLY onderdeel van het Franse Parrot, haar dienstverlening op het gebied van gewassensing met UAV’s ook in Nederland aan gaan bieden.

René Koerhuis

06/11/2015

René Koerhuis

In haar zogenoemde Industry Note 513 van oktober gaat Rabobank in op de invloed van big data op de landbouw. Volgens het rapport met als titel “Van intuïtie naar informatie” kan data-intensieve landbouw wereldwijd meer dan 10 miljard Dollar (9,38 miljard Euro) aan waarde genereren in de akkerbouw. Met behulp van de enorme hoeveelheden data is het volgens de bank mogelijk om beslissingen te baseren op feiten in plaats van op intuïtie waardoor schaalvoordelen toenemen. Anderzijds is het zo dat de in opkomst zijnde data-intensieve landbouw gepaard gaat met veranderende landbouwpraktijken en veranderende relaties tussen boeren, hun leveranciers en hun afnemers.

Smart farming vereist samenwerking

Volgens het rapport vergt het ontwikkelen van smart farming methoden nauwe samenwerking tussen boeren, leveranciers, landbouwkundigen, de ontwikkelaars van technologieën en de afnemers. Bij gebrek aan een bewezen verdienmodel loopt de boer, de generator van alle op zichzelf staande data, het gevaar dat het grootste deel van de gecreëerde waarde niet bij hem terecht gaat komen. Coöperaties moeten hierin een belangrijke  rol gaan spelen en ervoor gaan zorgen dat de waarde van het samenvoegen van data bij de boer en niet alleen bij zijn leveranciers terecht komt. In de VS, Zuid-Amerika en Azië zal dit naar verwachting tot een versnelde ontwikkeling van grote landbouwcoöperaties leiden.

Potentiële waardecreatie ruim €9,38 miljard

Rabobank schat in dat de overgang naar data-intensieve landbouwpraktijken voor boeren wereldwijd ruim 10 miljard dollar extra waarde per jaar kan genereren. Dit cijfer is gebaseerd op een geschatte opbrengsttoename van 5 procent op 80 procent van het areaal van de zeven populairste gewassen (maïs, sojabonen, tarwe, katoen, koolzaad, gerst en zonnebloemen). De werkelijke waarde zal hoger uitvallen omdat dezelfde voordelen ook gelden voor kleinere gewassen, zoals suikerriet, aardappels, suikerbieten, groenten en fruit.

René Koerhuis

06/06/2014

René Koerhuis

DSC_0024We zijn nu zo’n twintig jaar actief met precisielandbouw. In aanleg biedt de techniek enorme mogelijkheden om efficiënter en nauwkeuriger te werken, met meer oog voor het mileu. Toch lijken we anno 2014 op een punt aanbeland waarbij het juist de onmogelijkheden zijn die een verdere doorbraak in de weg staan.

Focus ligt te veel op techniek Vanaf het begin ligt de focus vooral op techniek om plaatsspecifieke gegevens te verzamelen. Het stelt akkerbouwers in staat om de eigen waarnemingen te objectiveren. Dit blijkt vooral zinvol bij het onderscheiden van relatief kleine verschillen, die voor het blote oog niet waarneembaar zijn. Bedrijven die starten met gewassensoren en opbrengstregistratie, ook in rooivruchten, noemen als belangrijkste reden het verzamelen van gegevens voor meer inzicht in de variatie binnen percelen.

Koppeling agronomische kennis mist nog steeds Technisch is er al die tijd niet ontzettend veel veranderd. We hebben weliswaar RTK-GPS, stuurautomaten en drones en de techniek heeft hogere resoluties en is betrouwbaarder, maar de interpretatie en vertaling van de data ligt nog steeds bij de akkerbouwers en adviseurs. Dit blijkt nog steeds lastig. Sterker nog, de enorme hoeveelheid data, maakt het vertalen ervan alleen maar gecompliceerder. Logischerwijs spelen de kosten en baten van precisielandbouw een grote rol bij de toepassing ervan, de hobbyisten en voorlopers daargelaten. Kijkende naar het buitenland valt vooral op dat Nederland sterk inzet op stuurautomaten en op-de-centimeter nauwkeurig werken. Investeringen die niet altijd te rijmen zijn met de schaalgrootte van individuele bedrijven. Samenwerken met een collega of de loonwerker inhuren is dan een reëel alternatief om de kosten per hectare te drukken.

Het volledige artikel is te lezen in Boerderij nummer 36 van 3 juni.

René Koerhuis

14/07/2013

René Koerhuis

Onlangs kondigde Agco haar nieuwe technologiestrategie genaamd Fuse Technologies aan. Dit platform moet zoals Agco het zelf zegt, ´leading-edge precision ag solutions´ bieden. Ofwel leidende oplossingen op het gebied van precisielandbouw. Interessant en ook hoog tijd, want binnen Agco hebben de merken diverse eigen oplossingen en systemen op dit vlak. Denk aan AgCommand telemetrie-oplossingen voor MF & Challenger versus Variodoc voor Fendt en MF Auto-Guide versus Fendt VarioGuide stuursystemen. Hiernaast werkt Agco samen met precisielandbouw specialist TopCon.

Fuse Technologies opvolger Fieldstar?

Fieldstar monitor

MF Fieldstar terminal

Nergens rept de grote fabrikant echter meer over Fieldstar. Fieldstar was medio jaren 90 van de vorige eeuw één van de eerste, zoniet het eerste precisielandbouw systeem. Het systeem is ontwikkeld als opbrengstregistratiesysteem voor maaidorsers door het Deense Dronningborg. De fabrikant bouwde ook de Massey Ferguson maaidorsers voor Agco en werd in 1997 volledig door Agco overgenomen. Omdat precisielandbouw meer is dan het vastleggen van oogstgegevens, had Dronningborg een precisielandbouw cirkel opgesteld. Op internet heb ik deze cirkel niet meer kunnen vinden, dus ik heb ‘m gescand uit mijn stageverslag. Het lijkt erop dat Agco met Fuse Technologies een nieuw precisielandbouw offensief inzet. Dit zou betekenen dat ze naast John Deere en Claas weer meer zelf gaan ontwikkelen in plaats van samen te werken met specialisten TopCon of Trimble zoals CNH en SDF dat doen. Ik ben benieuwd!

1998 MF Fieldstar precision farming circlePrecisielandbouw cirkel: cyclus van activiteiten

Met de cyclus van werkzaamheden, met natuurlijk centraal de rode maaidorser, wilde men de potentie van de nieuwe vorm van landbouw, precisielandbouw aangeven. Om de cyclus rond te krijgen, zocht men vanuit de Deense Dronningborg fabriek actief contact met fabrikanten van kunstmeststrooiers, veldspuiten en zaaimachines. Doel was het vermarkten van het merk Fieldstar en natuurlijk de verkoop van Fieldstar terminals, systemen en software. Zodoende kwam ik in 1998 voor het eerst in aanraking met precisielandbouw tijdens mijn stage bij Kverneland Mechatronics.

1998 MF Fieldstar yield mapHet idee achter de cirkel was dat opbrengstgegevens gekarteerd en opgeslagen werden in het Fieldstar software pakket. Op basis van de gegevens kon bijvoorbeeld een strooikaart gemaakt worden. Kverneland Group was destijds de enige fabrikant met een weegstrooier die met zijn continue calibratie uitstekend paste bij het precies toedienen van kunstmest. Werken met (halve werkbreedtes) en secties was technisch toen op zich ook al mogelijk (nu GEOSpread genaamd), maar kwam nog niet ter sprake. Op de PC werd een strooikaart gemaakt die op een zogenaamde PCMCIA datakaart werd opgeslagen. Deze nam je mee naar de trekker en dan laadde je de strooikaart in de Fieldstar terminal. De terminal communiceerde via een RS232 kabeltje met de terminal van de strooier. De toegediende gift werd teruggekoppeld naar het datakaartje. Naast Fieldstar waren er anno 1998 inmiddels meer opbrengstregistratiesystemen op de markt die allemaal hun eigen precisielandbouw cyclus rond wilden krijgen. Met andere woorden, de Vicon RS-EDW weegstrooier moest kunnen koppelen met diverse systemen. ISOBUS bestond nog niet, dus dat betekende een unieke koppeling (lees kabel) voor elk systeem. Om dit het hoofd te bieden, ontwikkelde Kverneland een eigen software pakket waarin op basis van opbrengstdata taakkaarten voor kunstmest strooien opgesteld konden worden. Dit resulteerde aan het eind van mijn stage in september 1998 in Vicon ProFas: Vicon’s eigen Professional Farming System voor precisielandbouw. De vertaling van opbrengstgegevens en bodemgegevens naar taakkaarten was hierbij in handen van de akkerbouwer en zijn adviseurs.

Integratie en verwerking data

Anno nu blijkt dat er technisch niet ontzettend veel veranderd is, ja we hebben nu RTK-GPS en drones en dergelijke, maar de vertaling van data ligt nog steeds in handen van de akkerbouwer en adviseurs. Sterker nog, de fijnmazigheid van en enorme hoeveelheid aan beschikbare data, maakt het lezen en verwerken ervan alleen maar gecompliceerder. Zo bleek eens te meer op de Praktijkdag Precisielandbouw van onder meer DLV-Plant bij PTC+ in Dronten begin juli. Ik ben benieuwd of er bedrijven op gaan staan die zich gaan specialiseren in de integratie van versplinterd beschikbare perceelsgegevens. We zijn zo’n 20 jaar bezig met precisielandbouw en het invullen van deze ‘missing link’ zou veel toegevoegde waarde opleveren.